Obstetrisch Plexus Brachialis letsel
Obstetrisch Plexus Brachialis letsel, kortweg OPBL, is letsel veroorzaakt door ‘schouderverhaking’ bij de geboorte. De afdeling kinderrevalidatie van de Sint Maartenskliniek helpt uw kind bij het herstel van dit letsel.

Wat is Obstetrisch Plexus Brachialis letsel?
De plexus brachialis is het zenuwvlechtwerk in de arm dat ontstaat uit 5 zenuwwortels uit het ruggenmerg. Na diverse vertakkingen eindigen zij als de armzenuwen hoog in de oksel. Bij de geboorte kan hieraan letsel ontstaan. De schouder van uw kindje blijft dan onder het schaambeen steken. Door deze ‘schouderverhaking’ kan een rekletsel van de plexus ontstaan.
Klachten
Bij letsel aan het bovenste deel van de plexus:
Spierzwakte/krachtverlies van de boven- en onderarm
Moeite met de arm goed zijwaarts te bewegen en naar buiten te draaien; is uw kind nog een baby, dan kan deze het aangedane armpje niet goed bewegen
Minder gevoelige huid (vooral aan de bovenkant van de onderarm) en/of tintelingen
Bij letsel aan het onderste deel van de plexus:
Verlamde spieren van de hand
Gevoelverlies van een deel van de hand en onderarm
Veel pijn (bij drukletsel)
Verhoogd risico
Factoren die een verhoogd risico geven op het ontstaan van een obstetrisch plexusletsel:
Vernauwing van het bekken
Schouderverhaking in combinatie met een hoog geboortegewicht
Suikerziekte
Verlossing met vacuümpomp
Stuitligging (juist in combinatie met laag geboortegewicht)
Het obstetrisch plexusletsel komt bij 1 tot 3 per 1.000 kinderen voor en herstelt meestal spontaan. Bij 10 tot 15% van de baby's treedt echter geen of onvoldoende herstel op.
Drie typen OPBL
Gebaseerd op de plaats van het letsel, onderscheiden we drie typen OPBL:
Het type Duchenne-Erb komt verreweg het meeste voor (ongeveer 80% van de gevallen). Er bestaat dan een verlamming van de schouder en van het buigen van de arm. Soms is ook de strekfunctie van de elleboog en van de pols verminderd. De handfunctie is goed.
Het tweede type is de totaal verlamde arm door betrokkenheid van alle 5 zenuwwortels. Bij deze vorm bestaat er dus ook uitval van de handfunctie. Tevens hangt het ooglid van uw kind soms en is de pupil kleiner aan de aangedane zijde. De combinatie hangend ooglid en nauwe pupil wordt het 'syndroom van Horner' genoemd. Dit ontstaat meestal door een afscheuring van de onderste zenuwwortels.
Soms is de zenuw naar het middenrif betrokken bij het letsel. Hierdoor kan het middenrif (diafragma) aan de kant van het letsel stilstaan. Dit kan in de eerste 3 levensmaanden kortademigheid geven, vooral bij de voeding. De meeste laesies herstellen spontaan. Een operatie waarbij het slappe middenrif strak getrokken wordt, hoeft slechts zelden te worden uitgevoerd.
Wat voor behandeling is er mogelijk?
De revalidatiebehandeling van uw kind richt zich vooral op het voorkomen van contracturen (verkorting van spieren, pezen en/of gewrichtskapsels) en het zo goed mogelijk kunnen meedoen thuis en op school.
De diagnose voor de behandeling
Behandelingen
Screening motoriek/motorische ontwikkeling (KIEST)
KIEST staat voor Kinderrevalidatie Indicatie En Screen Team. KIEST is er voor ouders met vragen of zorgen over het bewegen/ de motorische ontwikkeling van hun kind (0-4 jaar).
Analyse van arm en hand
ULA (ook wel hand-/armonderzoek) staat voor Upper Limb Analysis. Het is een gespecialiseerde analyse van je arm en hand, op basis van enkele testen en observaties.
Technisch spreekuur spalken, schoenen en/of handen
Op het technisch spreekuur moet je zijn als er voor jou schoenen of spalken worden geadviseerd of aangepast. Schoenen zijn belangrijk om goed te kunnen staan en lopen. Spalken (ortheses) kunnen je helpen met steun voor je handen en polsen, maar ook voor je voeten, enkels en knieën. Tijdens het dragen kun jij je activiteiten met je handen beter uitvoeren of je loopt makkelijker. Soms worden spalken ook wel tijdens het slapen gebruikt om de spieren op lengte te houden.
Therapeutische peutergroepen
In onze therapeutische peutergroepen (TPG) bieden we peuters specifieke kinderrevalidatie geïntegreerd met gerichte ontwikkelingsstimulering in groepsverband.
